Heb ik recht op een schadevergoeding als ik word vrijgesproken door de rechter?

Wanneer een verdachte door de rechter wordt vrijgesproken, is de kans groot dat de verdachte daardoor recht heeft op een schadevergoeding. Hoe zit dat eigenlijk?
Als een strafzaak is geëindigd zonder straf of maatregel, komt een verdachte in aanmerking voor een schadevergoeding. Dat is veelal zo wanneer er sprake is van (kort gezegd) een vrijspraak, ontslag van alle rechtsvervolging of een sepot.
Wanneer een verdachte wordt vrijgesproken, komt de rechter tot het oordeel dat er onvoldoende wettig en overtuigend bewijs is om de verdachte te veroordelen voor de feiten waarvan hij/zij is beschuldigd.
De rechter kan een verdachte ook ontslaan van alle rechtsvervolging. Dat zal de rechter doen wanneer iemand wel iets strafbaars heeft gedaan, maar daarvoor een goede reden had, bijvoorbeeld op grond van zelfverdediging.
Bij een sepot besluit de officier van justitie de strafzaak te sluiten en niet over te gaan tot verdere strafrechtelijke vervolging. De strafzaak wordt dan niet aan een rechter voorgelegd, bijvoorbeeld omdat de officier van justitie zelf al vindt dat er onvoldoende bewijs tegen een verdachte is.
Schadevergoeding na onterechte detentie is geregeld in de artikelen 529 t/m 539 van het Wetboek van Strafvordering. Zo bepaalt artikel 533 van het Wetboek van Strafvordering dat er een recht op schadevergoeding bestaat voor elke dag die de verdachte ten onrechte heeft vastgezeten op het politiebureau en/of een gevangenis. Hiervoor zijn standaardbedragen vastgesteld. De duur van de detentie bepaalt de hoogte van de schadevergoeding. Soms gaat het om enorme bedragen. Deze kosten worden uit de Rijkskas voldaan.
Artikel 530 van het Wetboek van Strafvordering regelt dat er na vrijspraak of ontslag van alle rechtsvervolging een recht ontstaat op vergoeding van de kosten van de advocaat.
Het verzoek om schadevergoeding moet binnen 3 maanden (90 dagen) na het onherroepelijk worden van de uitspraak van de rechter worden ingediend bij de instantie waar de uitspraak is gedaan. Dit kan de rechtbank of het gerechtshof zijn. Voor het indienen van een verzoek en het behandelen ervan door een advocaat zijn ook standaardbedragen door de rechtbanken/gerechtshoven vastgesteld die worden vergoed.
Vragen over dit onderwerp? Neem gerust contact met ons op!

Schadevergoeding na onterechte detentie

Wanneer een verdachte door de rechter wordt vrijgesproken, is de kan groot dat de verdachte daardoor recht heeft op een schadevergoeding. Hoe zit dat eigenlijk?

Als een strafzaak is geëindigd zonder straf of maatregel, komt een verdachte in aanmerking voor een schadevergoeding. Dat is veelal zo wanneer er sprake is van (kort gezegd) een vrijspraak, ontslag van alle rechtsvervolging of een sepot.

Als een verdachte wordt vrijgesproken, komt de rechter tot het oordeel dat er onvoldoende bewijs is om de verdachte te veroordelen voor de feiten waarvan hij/zij is beschuldigd.

De rechter kan een verdachte ook ontslaan van alle rechtsvervolging. Dat zal de rechter doen wanneer iemand wél iets strafbaars heeft gedaan, maar daarvoor een goede reden had, bijvoorbeeld op grond van zelfverdediging.

Bij een sepot besluit de officier van justitie de strafzaak te sluiten en niet over te gaan tot verdere strafrechtelijke vervolging. De strafzaak wordt dan niet aan een rechter voorgelegd. Bijvoorbeeld omdat de officier van justitie zelf al vindt dat er onvoldoende bewijs tegen een verdachte is.

Schadevergoeding na onterechte detentie is geregeld in de artikelen 529 t/m 539 van het Wetboek van Strafvordering. Artikel 533 Sv. dat een verdachte recht heeft op een schadevergoeding voor elke dag die de verdachte ten onrechte heeft vastgezeten op het politiebureau en/of de gevangenis. Hiervoor zijn standaardbedragen vastgesteld. De duur van de detentie bepaalt de hoogte van de schadevergoeding. Soms gaat het om enorme bedragen. Deze kosten worden uit de Rijkskas voldaan.

Artikel 530 Sv. bepaalt dat er na vrijspraak of ontslag van alle rechtsvervolging een recht ontstaat op vergoeding van de kosten van de advocaat.

Het verzoek om schadevergoeding moet binnen 3 maanden (90 dagen) na het onherroepelijk worden van de uitspraak van de rechter worden ingediend bij de instantie waar de uitspraak is gedaan. Dit kan de rechtbank of het gerechtshof zijn. Voor het indienen van een verzoek door de advocaat zijn ook standaardbedragen ter vergoeding vastgesteld.

Vragen over dit onderwerp? Neem gerust contact met ons op!

Wat is een artikel 12 Sv. procedure (ook wel klacht tegen het niet vervolgen)?

Wanneer er aangifte is gedaan van een strafbaar feit, zal de officier van justitie beoordelen of die aangifte dient te leiden tot een strafrechtelijke vervolging van de verdachte. Als de officier van justitie vindt dat er onvoldoende wettig en overtuigend bewijs is, zal de officier van justitie de strafzaak seponeren. Wat wettig en overtuigend bewijs precies inhoudt, leest u hier. Welke verschillende afdoeningen een strafzaak kent naar aanleiding van een aangifte of strafrechtelijke verdenking, leest u hier.

Wanneer de officier van justitie besluit dat een strafzaak wordt geseponeerd, dan heeft het slachtoffer/de aangever de mogelijkheid om hiertegen op grond van artikel 12 van het Wetboek van Strafvordering binnen drie maanden na het uitreiken van de sepotbeslissing een klaagschrift in te dienen bij het gerechtshof. Middels dit klaagschrift wordt het gerechtshof verzocht aan het O.M. de opdracht te geven alsnog over te gaan tot vervolging van de verdachte. Ook kan het gerechtshof beslissen dat er (eerst) nog nader onderzoek moet worden verricht, op basis waarvan later mogelijk alsnog tot vervolging kan worden overgegaan.

Nadat een klaagschrift door de aangever/het slachtoffer is ingediend, wordt ook de verdachte in de gelegenheid gesteld hierop schriftelijk te reageren. Ook worden beide partijen al dan niet in bijzijn van hun advocaat door het gerechtshof in persoon (doch niet gelijktijdig) gehoord, zodat zij hun standpunt(en) ten overstaan van het gerechtshof nog nader kunnen toelichten.

Wanneer het gerechtshof oordeelt dat het door het O.M. verrichtte onderzoek volledig is en dat de beslissing tot niet-vervolging in stand kan blijven, zal het gerechtshof het klaagschrift ongegrond verklaren. De sepotbeslissing blijft dan in stand en er zal geen verdere strafrechtelijke vervolging plaatsvinden.

Tegen een beslissing van het gerechtshof op het klaagschrift staat geen rechtsmiddel (zoals hoger beroep) open.

Wilt u precies weten hoe zo’n procedure in zijn werk gaat? Kijk dan eens op de site van de rechtspraak. De rechtspraak heeft hier een informatiefilmpje geüpload, waarin de procedure nauwkeurig wordt uitgelegd.

Mocht u vragen hebben over een artikel 12-procedure, neemt u dan gerust contact met ons op.

 

Ik ben door de politie opgeroepen om als verdachte te worden gehoord, wat staat mij te wachten?

Wanneer u wordt verdacht van een strafbaar feit, kunt u per post een schriftelijke oproep ontvangen om door de politie als verdachte te worden gehoord. U wordt dan uitgenodigd voor verhoor. Voorafgaande aan het verhoor wordt uw identiteit door de politie vastgesteld en zal de politie uw vingerafdrukken nemen. Ook wordt er een foto van u gemaakt.

In sommige gevallen staat in de brief vermeld dat u voorafgaande aan het verhoor zult worden aangehouden als verdachte. Dan moet u rekening houden met de mogelijkheid dat u voorafgaande aan het verhoor en mogelijk ook na het verhoor wordt ingesloten in afwachting van een verdere afdoeningsbeslissing van het O.M. U kunt dan zelfs na het verhoor in verzekering worden gesteld, bijvoorbeeld wanneer het verhoor aanleiding geeft voor nader onderzoek. Lees hier meer over hoe lang de politie u mag vasthouden.

Wanneer u voorafgaande aan het verhoor wordt aangehouden, wordt de bijstand van een advocaat voor en tijdens het verhoor vergoed door de Nederlandse Staat.

Als u niet voorafgaande aan het verhoor door de politie wordt aangehouden, maar wel als verdachte moet verschijnen om te worden gehoord, dan wordt de rechtsbijstand van een advocaat niet vergoed. U kunt dan slechts op betalende basis door een advocaat worden bijgestaan.

Wat zijn uw rechten tijdens een verhoor?

  • U hebt recht op bijstand van een advocaat voor en tijdens het verhoor.
  • U hebt recht op bijstand van een tolk wanneer u niet goed Nederlands spreekt of verstaat.
  • U hebt het recht om te zwijgen: U bent niet verplicht om antwoord te geven op de vragen die de politie u stelt. De politie moet dit tegen u zeggen voordat het verhoor begint (dit noemt men ‘de cautie’).
  • U hebt het recht om uw verklaring na het verhoor door te lezen en te corrigeren wanneer bepaalde zaken niet juist zijn opgeschreven. Zet nooit zomaar uw handtekening onder uw verklaring! Controleer altijd eerst goed of de inhoud van uw verklaring juist en volledig is.

U mag vóór het verhoor contact opnemen met een advocaat. Een advocaat kan u tijdens het verhoor bijstaan. Wij adviseren u daarom altijd na ontvangst van een oproep om te worden gehoord contact op te nemen met een van onze advocaten! Zij kunnen u de procedure uitleggen en u adviseren over uw proceshouding tijdens het verhoor. Ook kunnen onze advocaten bijstand verlenen tijdens het verhoor, zodat u verklaring – voor zover u een verklaring zou afleggen – goed op papier komt. Dat is van groot belang voor de verdere procedure en een eventuele latere inhoudelijke behandeling van de zaak ter terechtzitting.

Na het verhoor zal het O.M. een beslissing nemen over de afdoening van de zaak. Het kan zijn dat de officier van justitie meent dat u ten onrechte als verdachte bent aangemerkt (dat men de verkeerde persoon voor zich heeft) of dat de verdenking niet bewezen kan worden. De officier van justitie zal de zaak dan seponeren. Het kan ook zijn dat de officier van justitie besluit u op te roepen voor een OM-zitting of dat u wordt gedagvaard om voor de rechter te verschijnen. Lees hier meer over de verschillende afdoeningsmogelijkheden van een strafzaak.

 

Wat gebeurt er als ik door de politie word aangehouden?

Wijzen op uw rechten en de cautie

Als u door de politie wordt aangehouden, wordt aan u verteld waarvan u wordt verdacht en u gewezen op uw rechten. Aan u wordt medegedeeld dat u niet tot antwoorden verplicht bent. Dit is de cautie. Er wordt een folder met uw rechten uitgereikt en u mag contact opnemen met een advocaat. Als u zelf geen vaste advocaat heeft, krijgt u een advocaat toegewezen die op dat moment piketdienst heeft. Ook onze advocaten nemen deel aan de piketregeling en kunnen u in piket bezoeken. U kunt ons ook altijd als voorkeursadvocaat opgeven.

Insluitingsfouillering

Na de aanhouding wordt u overgebracht naar een politiebureau of cellencomplex waar u zult worden ingesloten, in afwachting van het politieverhoor. U wordt aldaar gefouilleerd om te kijken of u geen scherpe voorwerpen bij u heeft. Ook worden alle spullen die u bij u hebt (zoals een telefoon en sieraden) in een sealbag gedaan. Deze goederen krijgt u weer terug wanneer u naar huis mag.

Zuilen

Vervolgens zullen er foto’s van u worden gemaakt en worden vingerafdrukken genomen. Dit gebeurd door middel van de ID-zuil. Op die manier wordt ook uw identiteit geverifieerd.

Insluiting en contact met advocaat

Daarna zult u worden ingesloten in afwachting van de komst van uw advocaat. Als uw advocaat is gearriveerd, kunt u de zaak met uw advocaat bespreken en kan uw advocaat indien gewenst iemand inlichten over uw aanhouding. Ook kan de advocaat een vriend of familielid vragen om kleding voor u te brengen.

Politieverhoor

Na het gesprek met uw advocaat, zal de politie uiteindelijk met u in verhoor gaan.

Wat gebeurt er daarna?

Na het verhoor zal de officier van justitie beslissen wat er verder met de zaak zal gebeuren. Lees hier meer over de mogelijkheden met betrekking tot de afdoening van uw zaak.

Wilt u weten hoe lang de politie u mag vasthouden? Daarover leest u hier meer.

 

 

 

 

Hoe lang mag de politie mij na de aanhouding vasthouden?

Ophouden voor onderzoek (9 uur)

Wanneer u bent aangehouden in verband met een verdenking van een strafbaar feit, mag de politie u 9 uur vasthouden voor nader onderzoek. Deze periode wordt vaak gebruikt om u als verdachte te horen. De nachtelijke uren tussen 00:00 uur en 09:00 uur tellen daarbij niet mee. Wanneer u dus om 22:00 uur wordt aangehouden, moet u uiterlijk om 16:00 uur de volgende dag in vrijheid worden gesteld.

Inverzekeringstelling (3 dagen)

Mocht de officier van justitie oordelen dat het in het kader van het onderzoek noodzakelijk is om u langer vast te houden, dan kunt u in verzekering worden gesteld voor de duur van 3 dagen. Gedurende deze periode verricht de politie nader onderzoek naar uw mogelijke betrokkenheid bij een strafbaar. De inverzekeringstelling kan door de officier van justitie met 3 dagen worden verlengd, echter zo’n verlenging vindt in de praktijk relatief weinig plaats.

Inbewaringstelling (14 dagen)

Meestal wordt u voordat de 3-dagentermijn van de inverzekeringstelling afloopt voorgeleid aan de rechter-commissaris van de rechtbank. Dit moet in alle gevallen binnen 3 dagen en 18 uur na uw aanhouding gebeuren. De rechter-commissaris toetst de rechtmatigheid van de aanhouding en inverzekeringstelling. In de praktijk is dit een wassen neus; wanneer er een redelijk vermoeden is van enige betrokkenheid bij een strafbaar feit, is dat doorgaans voldoende voor een rechtmatige aanhouding en inverzekeringstelling.

Naast de toetsing van de rechtmatigheid van de aanhouding en inverzekeringstelling, kan de officier van justitie gelijktijdig bij de rechter-commissaris vorderen u 14 dagen langer vast te houden. Dit kan de officier van justitie doen wanneer hij meent dat uw voorarrest noodzakelijk is in het belang van het onderzoek. Daarnaast moeten er gronden (redenen) zijn die rechtvaardigen dat u langer in voorarrest moet blijven (zoals vluchtgevaar, recidiverisico). Voor het voortduren van de voorlopige hechtenis is ‘alleen’ een stevige verdenking nodig; er vindt nog geen bewijstoets plaats.

Voorafgaande aan deze voorgeleiding bij de rechter-commissaris krijgt de advocaat (voor het eerst) inzage in het dossier en kan de advocaat met u inhoudelijk nadenken over de verdere proceshouding. De advocaat kan de rechter-commissaris verzoeken om de vordering van de officier af te wijzen of toe te wijzen voor een kortere periode. Ook kan de advocaat verzoeken om (in geval van een toewijzing van de vordering inbewaringstelling) de voorlopige hechtenis te schorsen, zodat u in vrijheid – onder voorwaarden – de inhoudelijke behandeling kunt afwachten.

Gevangenhouding (max. 90 dagen)

Vervolgens kan de officier van justitie binnen die 14 dagen van de bewaringstermijn een vordering indienen bij de raadkamer van de rechtbank, met het verzoek u 30, 60 of 90 dagen langer vast te houden. De raadkamer bestaat uit drie rechters en buigt zich over de vraag of het voortduren van de voorlopige hechtenis nog langer noodzakelijk is en, indien dat zo is, voor welke duur. Wanneer de rechtbank oordeelt dat u langer vast blijft zitten, geeft de rechtbank een bevel gevangenhouding af. Dit bevel kan worden verlengd tot maximaal 90 dagen. Daarna moet uw zaak voor het eerst pro forma op ene openbare zitting worden gepland. Ook hier is voor het voortduren van de voorlopige hechtenis ‘alleen’ nog maar een stevige verdenking nodig; er vindt nog geen bewijstoets plaats.

Ook tijdens de raadkamerzitting kan de advocaat verzoeken de vordering af te wijzen of de voorlopige hechtenis te schorsen.

Pro forma zitting

Wanneer u verdacht worden van een ernstig strafbaar feit kan de voorlopige hechtenis nog langer voortduren. In dat geval moet het O.M. de zaak na afloop van de termijn van de gevangenhouding aanbrengen bij de rechtbank. Dan vangt formeel het proces aan, echter vaak is de zaak dan nog niet gereed voor een inhoudelijke behandeling. Om die reden wordt dan doorgaans een pro forma zitting gepland, waarbij in de meeste gevallen enkel wordt ingegaan op de vraag of de voorlopige hechtenis dient voort te duren. Het kan echter ook zo zijn dat er tijdens die zitting al wordt gesproken over enkele nader te verrichten onderzoekshandelingen, zoals het verstrekken van bepaalde beelden of stukken aan de verdediging of het horen van een of meer getuigen. De voorlopige hechtenis kan tijdens elke pro forma zitting met 90 dagen worden verlengd, tot aan het moment waarop de zaak uiteindelijk inhoudelijk wordt behandeld. Op deze wijze kan het voorarrest dus lange tijd duren.

Tijdens elke pro forma zitting kan de advocaat verzoeken de voorlopige hechtenis op te heffen, dan wel de voorlopige hechtenis te schorsen.

Mag ik een advocaat meenemen tijdens een verhoor als verdachte?

Wanneer u wordt verdacht van een strafbaar feit, kunt u per post een schriftelijke oproep ontvangen om door de politie als verdachte te worden gehoord. U wordt dan uitgenodigd voor verhoor.Voorafgaande aan het verhoor wordt uw identiteit door de politie vastgesteld en zal de politie uw vingerafdrukken afnemen. Ook wordt er een foto van u gemaakt.

In sommige gevallen staat in de brief vermeld dat u voorafgaande aan het verhoor zult worden aangehouden als verdachte. Dan moet u rekening houden met de mogelijkheid dat u voorafgaande aan het verhoor en mogelijk ook na het verhoor wordt ingesloten in afwachting van een verdere afdoeningsbeslissing van het O.M. U kunt dan zelfs na het verhoor in verzekering worden gesteld, bijvoorbeeld wanneer het verhoor aanleiding geeft voor nader onderzoek. Lees hier meer over hoe lang de politie u mag vasthouden. Wanneer u voorafgaande aan het verhoor wordt aangehouden, wordt de bijstand van een advocaat voor en tijdens het verhoor vergoed door de Nederlandse Staat.

Als u niet voorafgaande aan het verhoor door de politie wordt aangehouden, maar wel als verdachte moet verschijnen om te worden gehoord, dan wordt de rechtsbijstand van een advocaat niet vergoed. U kunt dan slechts op betalende basis door een advocaat worden bijgestaan.

Wat zijn uw rechten tijdens een verhoor?

  • U hebt recht op bijstand van een advocaat voor en tijdens het verhoor:
  • u hebt recht op bijstand van een tolk wanneer u niet goed Nederlands spreekt of verstaat
  • u hebt het recht om te zwijgen: u bent niet verplicht om antwoord te geven op de vragen die de politie u stelt. De politie moet dit tegen u zeggen voordat het verhoor begint (dit noemt men ‘de cautie’).
  • u hebt het recht om uw verklaring na het verhoor door te lezen en te corrigeren wanneer bepaalde zaken niet juist zijn opgeschreven. Zet nooit zomaar uw handtekening onder uw verklaring! Controleer altijd eerst goed of de inhoud van uw verklaring juist en volledig is.

Een advocaat kan u tijdens het verhoor bijstaan. Wij adviseren u daarom altijd na ontvangst van een oproep om te worden gehoord contact op te nemen met een van onze advocaten! Zij kunnen u de procedure uitleggen en u adviseren over uw proceshouding tijdens het verhoor. Ook kunnen onze advocaten bijstand verlenen tijdens het verhoor, zodat u verklaring – voor zover u een verklaring zou afleggen – goed op papier komt. Dat is van groot belang voor de verdere procedure en een eventuele latere inhoudelijke behandeling van de zaak ter terechtzitting.

Na het verhoor zal het O.M. een beslissing nemen over de afdoening van de zaak. Het kan zijn dat de officier van justitie meent dat u ten onrechte als verdachte bent aangemerkt (dat men de verkeerde persoon voor zich heeft) of dat de verdenking niet bewezen kan worden. De officier van justitie zal de zaak dan seponeren. Het kan ook zijn dat de officier van justitie besluit u op te roepen voor een OM-zitting of dat u wordt gedagvaard om voor de rechter te verschijnen. Lees hier meer over de verschillende afdoeningsmogelijkheden van een strafzaak.

Welke verschillende fases kent het strafrecht?

Verdenking van een strafbaar feit

Een strafrechtelijke procedure start doorgaans met een verdenking van een strafbaar feit. Soms vloeit deze verdenking voort een lopend strafrechtelijk opsporingsonderzoek, al dan niet naar aanleiding van een (anonieme) tip of een onderzoek gericht op een andere verdachte. Met het voorbereidend opsporingsonderzoek van de politie start de eerste fase in een strafproces.

Aanhouding

Naar aanleiding van het opsporingsonderzoek kunt u worden uitgenodigd om als verdachte voor een politieverhoor op het bureau te verschijnen. Het kan echter ook zijn dat u niet eerst een schriftelijke oproep voor verhoor ontvangt, maar op enig moment (onverwachts) wordt aangehouden door de politie, bijvoorbeeld in geval van heterdaad of tijdens een lopend opsporingsonderzoek.Heeft u een oproep ontvangen om door de politie als verdachte te worden gehoord, leest u dan hier wat u kunt verwachten, wat uw rechten zijn en wat wij voor u kunnen betekenen.

Ophouden voor onderzoek (9 uur)

Wanneer u bent aangehouden in verband met een verdenking van een strafbaar feit, mag de politie u 9 uur vasthouden voor nader onderzoek. Deze periode wordt vaal gebruikt om u als verdachte te horen. De nachtelijke uren tussen 00:00 uur en 09:00 uur tellen daarbij niet mee. Wanneer u dus om 22:00 uur wordt aangehouden, moet u uiterlijk om 16:00 uur de volgende dag in vrijheid worden gesteld, tenzij de officier van justitie in het belang van het onderzoek langer wil vasthouden.

Inverzekeringstelling (3 dagen)

Mocht de officier van justitie oordelen dat het in het kader van het onderzoek noodzakelijk is om u langer vast te houden, dan kunt u in verzekering worden gesteld voor de duur van 3 dagen. Gedurende deze periode verricht de politie nader onderzoek naar uw mogelijke betrokkenheid bij een strafbaar. De inverzekeringstelling kan door de officier van justitie met 3 dagen worden verlengd, echter zo’n verlenging vindt in de praktijk vrij weinig plaats.

Inbewaringstelling (14 dagen)

Meestal wordt u voordat de 3-dagentermijn van de inverzekeringstelling afloopt voorgeleid aan de rechter-commissaris van de rechtbank. Dit moet in alle gevallen binnen 3 dagen en 18 uur na uw aanhouding gebeuren. De rechter-commissaris toetst de rechtmatigheid van de aanhouding en inverzekeringstelling kan worden getoetst. In de praktijk is dit een wassen neus; wanneer er een vermoeden is van betrokkenheid bij een strafbaar feit, is dat doorgaans voldoende voor een rechtmatige aanhouding en inverzekeringstelling.

Naast de toetsing van de rechtmatigheid van de aanhouding en inverzekeringstelling, kan de officier van justitie gelijktijdig bij de rechter-commissaris vorderen u 14 dagen langer vast te houden. Dit kan de officier van justitie doen wanneer hij meent dat uw voorarrest noodzakelijk is in het belang van het onderzoek is er bovendien ook gronden zijn die rechtvaardigen dat u langer in voorarrest moet blijven (zoals vluchtgevaar, recidiverisico). Voor het voortduren van de voorlopige hechtenis is alleen een stevige verdenking nodig; er vindt nog geen bewijstoets plaats.

Tijdens deze voorgeleiding bij de rechter-commissaris krijgt de advocaat (voor het eerst) inzage in het dossier en kan de advocaat met u inhoudelijk nadenken over de verdere proceshouding. De advocaat kan de rechter-commissaris verzoek de vordering van de officier af te wijzen of toe te wijzen voor een kortere periode. Ook kan de advocaat verzoeken om (in geval van een toewijzing van de vordering inbewaringsteling) de voorlopige hechtenis te schorsen, zodat u in vrijheid – onder voorwaarden – de inhoudelijke behandeling kunt afwachten.

Gevangenhouding (max. 90 dagen)

Binnen die 14 dagen kan de officier van justitie vervolgens een vordering indienen bij de raadkamer van de rechtbank, met het verzoek u 30, 60 of 90 dagen langer vast te houden. De raadkamer bestaat uit drie rechters, die zich buigen over de vraag of het voortduren van de voorlopige hechtenis nog noodzakelijk is en, indien dat zo is, voor welke duur. Wanneer de rechtbank oordeelt dat u langer vast blijft zitten, geeft de rechtbank een bevel gevangenhouding af. Dit bevel kan worden verlengd tot maximaal 90 dagen. Daarna moet uw zaak voor het eerst pro forma op zitting worden gepland. Voor het voortduren van de voorlopige hechtenis is alleen een stevige verdenking nodig; er vindt nog geen bewijstoets plaats.

Ook tijdens deze zitting kan de advocaat verzoeken de vordering af te wijzen of de voorlopige hechtenis te schorsen.

Pro forma zitting

Wanneer u verdacht worden van een ernstig strafbaar feit kan de voorlopige hechtenis lang voortduren. Na afloop van de termijn van de gevangenhouding, moet het O.M. de zaak aanbrengen bij de rechter. Dan vangt formeel het proces aan en start de tweede fase in het strafproces: het onderzoek ter terechtzitting. De zaak is dan vaak nog niet gereed voor een inhoudelijke behandeling. Om die reden wordt een pro forma zitting gepland, waarbij doorgaans enkel wordt ingegaan op de vraag of de voorlopige hechtenis dient voort te duren. De voorlopige hechtenis kan tijdens elke pro forma zitting met 90 dagen worden verlengd, tot aan het moment waarop de zaak uiteindelijk inhoudelijk wordt behandeld.

Tijdens elke pro forma zitting kan de advocaat verzoeken de voorlopige hechtenis op te heffen, dan wel de voorlopige hechtenis te schorsen.

Inhoudelijke behandeling

Uiteindelijk vindt dan de inhoudelijke behandeling van de strafzaak plaats. Ter terechtzitting zal de rechtbank het dossier en de feiten en omstandigheden met u doornemen. De officier van justitie zal een straf eisen en de advocaat zal namens u verweer voeren op basis van de tenlastelegging (de omschrijving van het feit waarvan u wordt verdacht).

Wanneer een strafzaak wordt behandeld door de politierechter wordt uw strafzaak behandeld door één rechter en wordt de uitspraak doorgaans direct na afloop van de zitting mondeling uitgesproken. Wanneer een strafzaak wordt behandeld door de meervoudige strafkamer wordt de strafzaak behandeld door drie rechters, waarbij het vonnis – doorgaans – pas wordt uitgesproken na twee weken. In omvangrijke strafzaken kan de termijn waarbinnen het vonnis wordt uitgesproken echter worden verlengd, soms wel met twee maanden.

Hoger beroep

Wanneer u het niet eens bent met een door de rechtbank gewezen vonnis kan door u of uw advocaat binnen twee weken na het vonnis hoger beroep worden ingesteld. Hoger beroep wordt ingesteld bij de rechtbank waar het vonnis is uitgesproken.

Beroep in cassatie

Wanneer een strafzaak in hoger beroep is behandeld, staat hiertegen slechts nog beroep in cassatie open. Dit betreft doorgaans een schriftelijke procedure. Meer informatie over beroep in cassatie vindt u o.a. op de website van de Rechtspraak.

Tenuitvoerlegging straffen en maatregelen

De laatste fase in een strafproces is de tenuitvoerlegging/executie van een opgelegde straf en/of maatregel.

 

Hoe kan een strafzaak worden afgedaan?

Wanneer u verdacht wordt van een strafbaar feit, zal de officier van justitie op enig moment een beslissing nemen over de afdoening van de zaak. Meestal beslist de officier van justitie dit pas nadat u als verdachte bent gehoord.

(Voorwaardelijk) Sepot

Het kan zijn dat de officier van justitie na het politieverhoor meent dat u ten onrechte als verdachte bent aangemerkt (dat men de verkeerde persoon voor zich heeft) of dat de verdenking niet bewezen kan worden. De officier van justitie zal de zaak dan seponeren. Wanneer de officier van justitie andere overwegingen heeft om de zaak niet verder te vervolgen, kan de officier de zaak ook voorwaardelijk seponeren. Meestal wordt aan een dergelijk voorwaardelijk sepot een proeftijd verbonden van 1 tot 2 jaar. Dat betekent dat wanneer er gedurende de proeftijd geen strafbare feiten worden gepleegd, de zaak dan uiteindelijk niet verder zal worden vervolgd. Wordt er gedurende de proeftijd ter zake een nieuwe verdenking overgegaan tot vervolging, dan zal de zaak die voorwaardelijk is geseponeerd alsnog (gelijktijdig) ter zitting worden aangebracht.

Strafbeschikking

Voor bepaalde veel voorkomende feiten kan de officier van justitie u zelfstandig een strafbeschikking toesturen, bijvoorbeeld bij een winkeldiefstal of rijden onder invloed. Tegenwoordig kan ook een strafbeschikking worden opgelegd wanneer de Coronomaatregelen niet worden nageleefd. Wanneer u het niet eens bent met een strafbeschikking, kunt u hiertegen binnen veertien (14) dagen in verzet bij het O.M. Als de officier van justitie het verzet heeft ontvangen, kan hij besluiten de strafbeschikking in te trekken en de zaak te seponeren. Ook kan de officier van justitie de strafbeschikking wijzigen. Als de officier van justitie de strafbeschikking niet intrekt of wijzigt, zal hij uw zaak naar aanleiding van het ingediende verzet voorleggen aan de rechter. De rechter zal uw zaak dan beoordelen.

Wij adviseren u in geval van een strafbeschikking altijd tijdig met ons contact op te nemen, zodat wij u hierover kunnen adviseren en hierin kunnen bijstaan.

OM-zitting

Gaat de officier van justitie niet over tot een sepot, dan kan de officier van justitie besluiten de zaak af te doen middels een OM-zitting. Een OM-zitting is een zitting bij de officier van justitie, waarbij de officier van justitie de zaak zelf buiten de rechter om afdoet. Een hoorzitting vindt plaats wanneer de officier van justitie van plan is een strafbeschikking op te leggen. Een strafbeschikking is een beschikking waarin straffen, maatregelen en (gedrags)aanwijzingen kunnen worden gegeven. De officier van justitie moet bij het opleggen van bepaalde straffen en maatregelen altijd eerst een verdachte zelf horen. Hierbij gaat het om:

  • een werkstraf (maximaal 180 uur);
  • een ontzegging van de rijbevoegdheid (maximaal 6 maanden);
  • een aanwijzing, m.b.t. het gedrag van de verdachte;
  • een te betalen geldboete van meer dan € 2.000,00;
  • een te betalen schadevergoeding van meer dan € 2.000,00;
  • een gedragsaanwijzing inhoudende dat een bedrag ter ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel moet worden betaald van meer dan € 2.000,00.

Een officier van justitie kan met een strafbeschikking geen voorwaardelijke straffen opleggen; de rechtbank kan wel voorwaardelijke straffen opleggen. Een officier van justitie kan ook geen vrijheidsbenemende straf opleggen, zoals een gevangenisstraf of hechtenis.

Als u het niet eens bent met de voorgestelde straf of maatregel, kan de officier van justitie besluiten om u te dagvaarden. Er wordt dan geen strafbeschikking opgelegd; de zaak wordt dan voor de politierechter gebracht.

Dagvaarding

Tot slot kan de officier van justitie overgaan tot dagvaarden. In dat geval wordt u gedagvaard te verschijnen voor een politierechter of meervoudige strafkamer, waarbij uw strafzaak door de rechtbank inhoudelijk zal worden behandeld. U ontvangt daarvoor een dagvaarding waarop de dag en het tijdstip van de zitting staan vermeld, alsook de tenlastelegging (de omschrijving van het feit waarvan u wordt verdacht). Het is altijd verstandig u tijdens een procedure bij de rechtbank (of het gerechtshof) te laten bijstaan door een advocaat!

Bent u opgeroepen om als verdachte te worden gehoord, heeft u een oproep voor een OM-zitting ontvangen of bent u gedagvaard voor de rechter te verschijnen, neemt u dan contact met ons op!

Wat is een OM-zitting?

OM-zitting

Gaat de officier van justitie niet over tot een sepot, dan kan de officier van justitie besluiten de zaak af te doen middels een OM-zitting. Een OM-zitting is een zitting bij de officier van justitie, waarbij de officier van justitie de zaak zelf buiten de rechter om afdoet. Een hoorzitting vindt plaats wanneer de officier van justitie van plan is een strafbeschikking op te leggen. Een strafbeschikking is een beschikking waarin straffen, maatregelen en (gedrags)aanwijzingen kunnen worden gegeven. De officier van justitie moet bij het opleggen van bepaalde straffen en maatregelen altijd eerst een verdachte zelf horen. Hierbij gaat het om:

  • een werkstraf (maximaal 180 uur);
  • een ontzegging van de rijbevoegdheid (maximaal 6 maanden);
  • een aanwijzing, m.b.t. het gedrag van de verdachte;
  • een te betalen geldboete van meer dan € 2.000,00;
  • een te betalen schadevergoeding van meer dan € 2.000,00;
  • een gedragsaanwijzing inhoudende dat een bedrag ter ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel moet worden betaald van meer dan € 2.000,00.

Een officier van justitie kan met een strafbeschikking geen voorwaardelijke straffen opleggen; de rechtbank kan wel voorwaardelijke straffen opleggen. Een officier van justitie kan ook geen vrijheidsbenemende straf opleggen, zoals een gevangenisstraf of hechtenis.

Als u het niet eens bent met de voorgestelde straf of maatregel, kan de officier van justitie besluiten om u te dagvaarden. Er wordt dan geen strafbeschikking opgelegd; de zaak wordt dan voor de politierechter gebracht.

Heeft u een oproep ontvangen voor een OM-zitting, neemt u dan contact op met een van onze advocaten.